Inhoud

De open kano rol

De opzet

De Rol

Het hervinden van de balans (de recovery)

De open kano rol

Het rollen van een open kano (canadees) is net een tikkie anders dan dat van een kajak. De meest gebruikte -Pawlata- techniek werkt niet; de open kano is daarvoor te traag in zijn bewegingen. Sommige ervaren C1 vaarders hebben met de boerenrol een werkwijze waarmee je een open kano ook kunt rollen maar deze werkwijze is redelijk inefficint, kost veel kracht en lijkt risico voor blessures te geven.

Op de website van Bob Foote  heb ik een techniek heb gevonden die efficinter is en vandaar dat de onderstaande beschrijving gedeeltelijk hiervandaan is vertaald (bedankt Bob!) en hier en daar op basis van eigen ervaring een beetje aangepast.

Een open kano is alleen te rollen als je er voldoende vast in zit. Een geknielde zit met dijbeen riemen zijn een minimum vereiste. De boot zal ook genoeg drijfvermogen (luchtzakken) moeten hebben, die ook nog eens goed op hun plaats blijven zitten.

We verdelen de rol in drie fasen: de opzet (setup), de rol(beweging) en het hervinden van de balans (recovery).

De opzet (the setup)

Hoe pak je de peddel vast (om te oefenen, bijv. in een zwembad doe je dit van tevoren, in de praktijk zul je onderwater je peddel in de juiste positie moeten brengen.):

Je pakt de peddel in gewone in vaarpositie vast en verplaatst de hand op knop naar vlak voor je navel en de andere hand (met de steel dus) tegen je voorhoofd. Het peddelblad moet uiteindelijk plat op het water komen te liggen.

Je doet dit zodanig dat je wanneer je rolt, de peddel aan de goeie (stabiele) kant uitkomt. Je kunt dan gemakkelijker een steun zetten voor het geval je je evenwicht verliest na de rol.

Om een open kano te rollen moet je eigenlijk van begin af aan een beetje vals spelen. Je moet twee dingen doen:

  • je bovenlichaam alvast opzij draaien een kwartslag,
  • je bovenlichaam buiten de boot brengen

Je gezicht ligt dan naar beneden, de schouders gelijk met het wateroppervlak. Je lijf is een kwartslag gedraaid en naar achteren gebogen en maakt een hoek van 90 graden (niet meer!) ten opzichte van de lengteas van je boot. Je peddel houd je bij navel en voorhoofd (zie boven) vast met het blad plat op het water.

Omdat je schouders op vlakbij het wateroppervlak liggen is je rug iets hol. Deze "voorspanning" kun je gebruiken om later met minder kracht de rol in te zetten. Je kunt in deze positie al, zonder iets met je peddel te doen, je boot een klein beetje scheef gaan duwen, dit is het valsspelen (cheating). Je licht nu in de goede positie om je buikspieren het echte werk te laten doen, de rol.

De rol

Oftewel hoe kom je rechtop:

Niet met je armen je peddel naar beneden duwen!

Vanuit de buikspieren naar je benen toe buigen, je heupen en benen moeten de kano doen kantelen en vooral, niet met je armen je peddel naar beneden duwen!

 

Je gaat hiermee door tot je de kleur van de zijkant van je kano kunt zien en nog steeds niet met je armen je peddel naar beneden duwen!

Als het goed is komt de boot (vergeleken met een kajak) door de druk vanuit heupen en benen voor driekwart rechtop te liggen. Je bovenlijf gezicht en de peddel liggen nog steeds plat, net onder de waterspiegel. Dan wordt het tijd om over te gaan tot de recovery.

De meest gemaakte fout is dat je met je armen je peddel naar beneden duwt!

Het hervinden van de balans (the recovery)

 

 

In deze fase gaat het meestal mis. Je wilt te snel in de boot komen en maakt de beweging niet af. Dan gaat de hele bewegingsafloop te veel kracht kosten.

De bedoeling is nu dat je, terwijl je je peddel plat op het water laat liggen, met je neus vlak over de rand van je boot je hoofd (en daarmee je bovenlijf) de kano in draait. (Laag blijven is het devies).

 

Deze zwaai voer je door tot je ruim voorbij de lengteas van de boot bent gezwaaid. De boot komt nu vanzelf overeind. Pas als die beweging er is ga je weer op je peddel letten. Deze kan in deze fase dienen om een beetje extra steun te leveren en na de rol stabiliteit te houden (Een grote open boot heeft immers een behoorlijke hoeveelheid water geschept).

Als het goed is komt de meeste kracht van de volledige rol dus uit de buikspieren, de heupen en de benen niet vanuit de armen en schouders (blessure risico)!

In de praktijk zul je ontdekken dat je een goeie en slechte kant hebt om te rollen. Mijn advies, oefen een kant tegelijk en pas wanneer je de beweging aan een kant redelijk routinematig kunt, probeer dan eens de andere. Voor rodeovaren en spelen in een wals is een snelle rol de moeite waard. Hiervoor heb je zeer specifieke open bootjes met veel lucht (en dus weinig klotsend water na de rol) Voor een wat grotere ww-canadees met lucht en een hoeveelheid bepakking is de open kano rol meer een redding om te voorkomen dat je een aantal stroomversnellingen in een keer afspoelt. Je moet toch naar de kant om de boel leeg te gooien. Een wat tragere maar degelijke rol over je favoriete kant is dan meestal voldoende.

Dat is alles: succes met het proberen van de open kano of canadees rol (geen eskimorol want die voeren immers in kayaks, weet u wel?).

 

Cees Verhoef