De eerste dagtocht van de beginnerscursus mei 2026 ging naar Erft. Iedereen verzamelde bij Het Bastion. Spullen uitzoeken, kanos opladen, en gaan. Tegen half 12 kwamen we op de parkeerplaats aan. Stenen mag je knuffelen, bomen vandaag niet. We kregen uitleg over keerwater, de signalen waarmee we kunnen communiceren, waarom bomen gevaarlijk zijn in het water, en begonnen aan de tocht naar de slalombaan.

Daar werden we in 2 groepen ingedeeld. De eerste groep liep nog iets verder omhoog, voorbij het watervalletje, en ging daar het water in. Wij gingen onder leiding van Bram en Hans aan de slag met opkanten. Je mag echt een stuk verder hangen om relaxed op te kanten, beetje te vergelijken met skiën. Niet op spierkracht, dat hou je niet vol. Het watervalletje heeft een leuke stroming met verschillende moeilijkheidsgraden. We begonnen rustig en naarmate we meer controle kregen over de boot en het water, kropen we steeds wat dichter bij de sterke stroming.
De eerste groep kwam over de waterval (golf onder de brug, red.), en dat wilden wij ook wel. Een paar enthousiastelingen gingen Hans achterna en lieten de boot van de hoge kant af zo het water in vallen. Dat was erg leuk. Gevolgd door de waterval, en toen iedereen dat had meegemaakt, begonnen we aan de rit over de rivier.

Mabel liet zien dat - net als Hans - ook zij droog kon blijven met de alpine-start
Mabel liet zien dat - net als Hans - ook zij droog kon blijven met de alpine-start

Het eerste stuk was rustig en gestaag. Een perfecte plek om het opkanten met elke peddelslag verder te oefenen, of achteruit te kanoën. Als je een blessure zou krijgen door een harde klap bijvoorbeeld, gaat de blessure in de zwakke spieren zitten, aldus Hans. Daarom is achteruit kanoën een goed idee.
De rivier is in de loop van de jaren veranderd. Er klonken verhalen over de leuke plekken die nu verdwenen zijn. Voor beginners maakt dit niet uit. Het is leuk om op een mooie plek te varen op stromend water. Er waren uitdagingen genoeg. Boomstammen en grote stenen zorgden voor leuke doorgangetjes en keerwaterplekken. De visval is een echt gave plek. Hier kan je de beginselen leren van surfen. Er waren maar een paar gevaarlijke takkenbossen op de hele rivier waar je niet in terecht wilt komen, en daar werden we dan ook goed op voorbereid en uit de buurt gehouden. Bram en Hans hebben ons hard laten werken. Fijn dat ze ons zo uitdaagden. Ze speurden naar keerwaterplekken en bedachten daar dan interessante oefeningen voor ons. Vlak voor het einde van de rivier is er een uitdagende bocht, De Bocht. Onze collectieve uitputting zorgde ervoor dat we allemaal massaal zijn gaan zwemmen. Afgeslacht en zeer tevreden kwam we aan op de Rijn en gingen in de haven aan wal om Schnitzels te eten.

Mabel

 

Groepje "Boven de brug" begon boven de brug en moest om te beginnen al een afstand van wat voelde als 5 km stroomopwaarts varen om naar de oefenplek te komen. Hier werden we door onze vaardige instructeurs Hein, Annelie en Anke uitgelegd hoe we konden blijven dobberen in keerwater, hoe we konden traverseren en hoe we een soort s-beweging waarvan ik de naam ben vergeten konden maken. Hier hebben we lang geoefend en ook nog lekker gezwommen, natuurlijk alleen omdat we het warm hadden, niet omdat dat per ongeluk gebeurde. Ik was zelf al blij dat ik dit keer bedacht om niet lekker diep in te ademen onder water. Dat maakte die ervaring een stuk beter.

Hierna zijn we de 5 meter terug naar onze instap plek gevaren om hier met het spannendste stuk van de dag geconfronteerd te worden: de grote golf onder de brug. Deze hebben we allemaal getrotseerd om daarna weer herenigd te worden en enthousiaste verhalen te delen met het andere deel van de groep.

Al snel gingen wij toch weer uit elkaar en vervolgde onze weg zich de rivier af. Sommige stukken voelden als een vakantie, lekker luieren in de zon en luisteren naar de kwetterende ijsvogeltjes, om dan plots afgewisseld te worden met wilde stukken en angsten voor je leven. Gelukkig ging dat ons allemaal goed af, alleen Oleksandr had liever zwemles dan kanoles.

We sloten de dag af met een diner met zicht op de Rijn, de beste verhalen en een ober met de humor van een droge boterham. Deze ober vond ook dat Andreas (een Duitser), maar wat goed zijn Duits had geoefend. Zelf heb ik hier heerlijk gesmikkelt van 5 offenwarme apfelstrüdels, en iedereen die iets anders beweert verteld leugens.

En onthoud allemaal ons motto: we gaan peddelend ten onder!

Gunilla

 

“Het doel is om jullie allemaal aan het zwemmen te krijgen vandaag”, zegt Hein met een kleine glimlach en een twinkeling in zijn ogen terwijl we richting Düsseldorf rijden. Eerder in de basiscursus hoorden we al van Lucas dat een dag zonder te zwemmen een dag is waarop je niets hebt geleerd. Met die filosofie in het achterhoofd bleek ondergetekende extreem leergierig.

Ietwat onder de indruk van het watervalletje onder de brug, was onze groep bezig met het instappen in de boten. Op dat moment vroeg Hans: “Wat is jullie afwijking dat jullie zo graag willen leren kajakken?” Een terechte vraag; welke weldenkende mens gaat in een stuk plastic zitten om op stromend en vervuild water jezelf uit te putten? Iedereen die zich had aangemeld voor de dag had het idee dat wildwaterkajakken leuk lijkt. Vandaag moest uitwijzen of het ook leuk blijkt.

Iets daarvoor, toen we even aan het bijkomen waren van het sjouwen van de boten, vertelde Bram over de ongeschreven regel dat degene die het eerste ‘om’ gaat, het verslag van die dag dient te schrijven. Zo geschiedde.

De Erft was een stukkie wilder dan we gewend waren van de avonden op de Spiegelwaal (de tweede cursusavond heb ik gemist). Als beginners bleek het nog niet mee te vallen om het gevoel voor balans te bewaren en je heupen goed te kunnen gebruiken. Na een minuut of vijf was de rol van ‘verslaggever’ bezegeld: peddel loslaten, naar adem happen. Aan de lus van het spatzeil trekken. Knieën omhoog. Jezelf afzetten. Naar boven komen. Peddel zoeken. Naar de kant zwemmen. De boot op de kant krijgen en leegmaken. Gelukkig was de temperatuur een stuk aangenamer dan in de eerste helft van mei en de schrik van de eerste keer omslaan tijdens de eerste avondcursus was ook compleet verdwenen.

De rivier bleek een onverbiddelijke leermeester; welke kant moest je ook alweer opkanten als het water zo stroomde? Peddel loslaten. Lus van het spatzeil pakken. Knieën omhoog. Peddel zoeken. Naar de kant zwemmen. Boot op de kant trekken. De boot ontdoen van het water. De wandelaars en fietsers die op de kant zaten te kijken konden met Schadenfreude genieten van het gestuntel van ondergetekende. Niet iedereen was even ‘leergierig’: Mabel wist al die tijd droog te blijven, ondergetekende had al vier keer zwemles gehad.

Na enige tijd voegden beide groepen zich weer samen. Voor wie wilde, konden we de stroomversnelling en het watervalletje onder de brug uitproberen, met Hein als fotograaf. De onverbiddelijke leermeester beloonde de pogingen met een lekkere kick en toffe kiekjes.

Andreas
Andreas

Carla
Carla

Daarna ging de groep ‘boven de brug’ als eerste stroomafwaarts. Hans liet de groep ‘onder de brug’ elk keerwatertje een keer of drie nemen, om zo maximaal te kunnen oefenen. Na een paar bochten kwamen we bij een rustiger gedeelte van de rivier aan. Een paar honderd meter rustig peddelen was een welkome afwisseling voor ondergetekende. Hans beantwoordde mijn gedachte vrijwel direct met een retorische vraag; ‘Saai hè, vlakwater?’

Groepje ‘onder de brug’
Groepje ‘onder de brug’

De Erft had op elk stuk wel wat in petto voor ons beginners. Hoe werkt het opkanten als er vlak naast weer een stroomversnelling is? Spatzeil. Knieën. Zwemmen. Ploeteren met de kajak. Opnieuw beginnen.

Niet veel later kwamen we bij de vistrap aan, waar Annelies, Jet en Marta als volwaardige ‘surfers’ konden spelen met de dynamiek van het water. Ondergetekende was inmiddels al aardig moe door al het zwemmen en ploeteren en stelde zichzelf als doel om niet te veel meer om te gaan. Gelukkig boekte ik enige progressie door soms mezelf in balans te kunnen houden als de Erft andere plannen leek te hebben.

‘Surfer’ Annelies
‘Surfer’ Annelies

Zelfs het Batavierse parallelsurfen werd geprobeerd
Zelfs het Batavierse parallelsurfen werd geprobeerd

De dag ging gestaag door en de groep gebruikte energie als wisselgeld voor een heerlijke ervaring in de natuur en het vervagen van de tijd. Eenmaal aangekomen bij het laatste gedeelte liep de middag tegen zijn einde en raakte de buidel aardig leeg. De stroomversnelling onder de laatste brug was misschien net een maatje te groot. We moesten links om de eerste golf heen, maar niet te ver naar de linkerkant want daar stond het water te laag. Terwijl Bram en Hans voordeden hoe het moest, waren de cursisten bezig om langs de oever de boot de goede kant op te krijgen. Toen wij goed lagen, lagen Hans en Bram al achter de eerste golf.

Het gevolg was voor iedereen, inclusief Mabel die het al die tijd droog had weten te houden; spatzeil, knieën en heel veel ploeteren. Er sneuvelde zelfs een peddel. Gelukkig was Hans op alles voorbereid en had hij een extra deelbare peddel meegenomen.

Niet veel later peddelden we de Rijn op en konden we meteen de veilige haven van de eindplaats invaren. De eindstand van de groep ‘onder de brug’ was als volgt: Marta ging vijf keer om, Jet driemaal, Annelies heeft tweemaal moeten zwemmen, Mabel één keer en ondergetekende spande de kroon met zeven keer zwemles.

We aten moe maar voldaan Schnitzels of apfelstrudel en konden allemaal lachen en reflecteren op een mooie dag. Sommige van de groep zijn gegrepen door het wildwater en gaan er zeker mee door, voor anderen was het een dag van je horizon verbreden en kijken of het iets was. Ondergetekende heeft inderdaad een afwijking en valt in de eerste categorie. Rosita, in een rode trui met de tekst ‘Make better choices’, bleek de meest weldenkend persoon te zijn: “Dat wildwater is niks voor mij, maar ik had het voor geen goud willen missen.”

Sem

 

Ik heb zelf, naast wat ik de vorige keer al geleerd had, namelijk:

Te overwegen: lunchen bij de slalombaan ipv bij de auto’s. Want nu moesten we eigenlijk te snel weg bij de slalombaan (honger!) terwijl we na de lunch vrij snel beneden waren.

nog 2 dingen geleerd:

Beginners zitten nog minder goed in de boot. Dus als je Marta een duwtje ‘in de goede richting’ geeft kan dat ook betekenen dat ze omvalt… sorry!

Je kunt deze dag beter zien als een inspiratiedag dan een cursusdag. Dat betekent dat je je als begeleiding inhoudt en dus niet tijdens het afvaren de beginners nog 15.000 keer een keerwater in- en uitstuurt. Met een beetje geluk gaan ze dan ook niet nog 15 keer zwemmen van vermoeidheid net aan het eind…

Bram

 

Waterstand: 74cm stijgend naar 79cm @ Neubrueck

Vaarders: Hein, Annelie, Anke, Bram, Hans met basiscursisten Gunilla, Mabel, Sem, Andreas, Annelies, Carla, Jet, Marta, Oleksandr, Rosita, Suzan

Instap: (net boven) Slalomparcours

Uitstap: Sporthafen